Bijna 700 mensen die een misstand op het werk vermoedden, namen in 2025 contact op met het Huis voor Klokkenluiders voor advies. Het jaar ervoor waren dat er 467. Dit is een stijging van bijna 50%. Negen op de tien klokkenluiders ervaart nog steeds een vorm van benadeling door de eigen werkgever, nadat een melding is gedaan van een vermoeden van een misstand. Denk aan overplaatsing, ontslag of non-actiefstelling. En dat terwijl er al tien jaar een wettelijk verbod op benadeling geldt. Dit blijkt uit het jaarverslag 2025 dat het Huis voor Klokkenluiders vandaag publiceert.
Alleen het het hébben van een meldregeling is niet genoeg
“We zien dat steeds meer mensen zich durven uitspreken als zij misstanden op het werk zien of horen. Dat is een goede ontwikkeling”, zegt Cornelis van der Werf, voorzitter Huis voor Klokkenluiders. “Het is tegelijkertijd zuur om te constateren dat deze mensen, die de moed hebben om misstanden aan de kaak te stellen, daar uiteindelijk last van ondervinden. Ze melden immers over zaken die de hele samenleving kunnen raken, dus in ons aller belang. Alleen het hebben van een meldregeling als werkgever is niet voldoende. Je moet hem ook zorgvuldig toepassen en bewaken dat de melder niet wordt benadeeld.
”Een groot deel van alle werkgevers voldoet nog niet aan de plicht om een goede meldprocedure te hebben die voldoet aan de eisen van de Wet bescherming klokkenluiders. Ook deze verplichting geldt al tien jaar. Van der werf: “Zolang er geen consequenties zijn verbonden aan het verbod op benadeling, of het niet hebben van een goede meldregeling, verwacht het Huis niet dat de situatie zal verbeteren. En dat is een risico voor de samenleving, want op den duur gaan mensen dan niet meer melden. Daarom vinden wij het de hoogste tijd voor toezicht en handhaving.”
697 adviesverzoekers
In 2025 namen 697 mensen, die een misstand op het werk vermoedden, contact op met het Huis voor Klokkenluiders (het Huis) voor advies. Het Huis adviseert hen over hun rechten maar ook eventuele risico’s bij het doen van een melding. Per situatie beoordeelt een adviseur of de vermoedens voldoen aan de voorwaarden die de Wet bescherming klokkenluiders voorschrijft. Een vereiste is dat de melder een werkrelatie heeft met de organisatie waar de vermeende misstand zou voorkomen. Daarnaast moet de vermoede misstand meerdere mensen raken, vaker dan eens gebeuren en een maatschappelijke impact hebben.
Wanneer een zaak wordt aangemerkt als een vermoede misstand (klokkenluiderszaak) start een adviestraject dat weken tot soms jaren kan duren. In 2025 liepen er in totaal 90 klokkenluiderszaken. Hiervan zijn er 41 afgerond in 2025. Bij ruim een derde hiervan was de vermoede misstand (gedeeltelijk) opgelost.
Soorten vermoedens van misstanden
De vermoedens van misstanden waar mensen het Huis in 2025 mee benaderden, gingen over:
• Valsheid in geschrifte, onjuiste informatie verschaffen
of achterhouden ervan;
• Fraude, verduistering, diefstal, corruptie;
• Onjuist gebruik overheidsgeld;
• Belangenverstrengeling;
• Product en productieveiligheid;
• AVG-schendingen;
• Angstcultuur, machtsmisbruik;
• Grensoverschrijdend gedrag (pesten, discriminatie, intimidatie).
Het jaarverslag is te downloaden in PDF via de link 'Bekijk hier het jaarverslag' en online te lezen via de link 'Jaarverslag Huis voor Klokkenluiders'.