Europese richtlijn

De Europese Unie wil klokkenluiders, onder de Richtlijn ook wel "melders" genoemd, betere bescherming bieden. Bijvoorbeeld als een melder een inbreuk meldt op het terrein van volksgezondheid, consumentenbescherming, gegevensbescherming, overheidsopdrachten, financiële diensten, witwaspraktijken, product- en vervoersveiligheid of nucleaire veiligheid. Op 26 november 2019 is daarom een Europese richtlijn gepubliceerd met nieuwe regels over klokkenluiden. Uiterlijk op 17 december 2021 moeten alle lidstaten die nieuwe regels omzetten in hun nationale wetgeving.

Volgens de Europese richtlijn moeten bedrijven en overheidsorganisaties veilige interne meldkanalen hebben voor het melden van onregelmatigheden. Ook moeten lidstaten één of meer bevoegde autoriteiten aanwijzen waar meldingen kunnen worden gedaan. Dit zijn de zogeheten externe meldkanalen. Alle melders krijgen daarbij goede bescherming tegen benadeling en alle landen moeten hun inwoners goed informeren.

De belangrijkste onderdelen uit de Richtlijn

  • Organisaties met 50 of meer werknemers moeten effectieve en efficiënte interne meldkanalen hebben.
  • Klokkenluiders hoeven niet meer per se eerst de interne kanalen van hun organisatie te gebruiken, zij kunnen direct de externe kanalen benutten. In alle gevallen krijgen klokkenluiders bescherming.
  • Meldingen kunnen worden gedaan door werknemers, maar ook door vrijwilligers, stagiairs, zzp’ers en bijvoorbeeld aandeelhouders. 
  • Voor melders worden aanvullende steun- en beschermingsmaatregelen voorzien om hen te beschermen tegen represailles als ontslag, schorsing, overplaatsing of intimidatie. Mensen die klokkenluiders helpen worden ook beschermd, zoals collega’s en familieleden.
  • Overheden en bedrijven moeten binnen drie maanden laten weten wat ze gaan doen met meldingen van klokkenluiders (zo nodig kan de termijn worden verlengd tot zes maanden voor externe instanties).

Aanpassing van de Nederlandse wetgeving

Een richtlijn moet door alle lidstaten van de Europese Unie worden ingepast in de eigen nationale rechtsorde. Dit betekent dat de regels uit de richtlijn in Nederlandse wetgeving moeten worden vastgelegd. Dit moet in het geval van deze Richtlijn uiterlijk op 17 december 2021 gebeurd zijn.

De Nederlandse wetgever is daarom direct begonnen om te zorgen dat deze regels in de Nederlandse wet worden vastgelegd. Dit wordt gedaan door de huidige Wet Huis voor klokkenluiders aan te passen.

Een voorstel voor aanpassing van de huidige Wet Huis voor klokkenluiders is gepubliceerd op 31 juli om alle geïnteresseerden de gelegenheid te geven om hierop te reageren. Tussen 31 juli 2020 tot en met 10 september 2020 hebben acht verschillende organisaties op het wetsvoorstel gereageerd. De wetgever zal de reacties zoveel mogelijk verwerken in het wetsvoorstel en zal een nieuwe versie hiervan voorleggen aan de Raad van State. Daarna gaat het voorstel naar de Tweede en Eerste Kamer.

Bekijk de tekst van het wetsvoorstel en de inbreng van het Huis voor klokkenluiders